2.12.3 Vacuümriolering
- Voor de vacuümriolering is er het Engelstalige (ontwerp) normblad NEN-EN 16932-3:2015 `Drain and serwer systems outside buildings - Pumping systems Part 3: Vacuum`;
- Vacuümleiding ligt met een `zaagtand`profiel; de zaagtand bedraagt 0,8 x de diameter tot 0,30 m; het neergaande deel heeft een verhang van 2 promille; een zaagtand zit om de 50 m;
- Maximale afstand tussen verste gelegen bufferput en vacuümopslagtank bedraagt ca.4 km;
- Ter plaatse van zijstrengen moet een afsluiter worden geplaats;
- Minimale snelheid in de leidingen bedraagt ca. 1m/s;
- Leidingdiameter meestal tussen 90-160 mm; koppelingen moeten luchtdicht zijn;
- De negatieve druk (vacuüm) is normaalgesproken tussen 0,5 en 0,7 bar;
- Voor beheer en onderhoud moet rekening worden gehouden met een aantal eindstukken voor inspectie of voor doorspuiten. Ook moet elke woning zijn voorzien van een afsluiter.